Dr. W.H.M. Smeets
Kasteel Aldengoorstraat 15E
6222 WH Maastricht
06-10751737


BTW: NL1571.76.642.B01- KvK: 14106996
ING: 3762802 - IBAN: NL 19 - PSTB 0003 7628 02 - BIC PSTBNL21
Informatie over Wiel Smeets
Onderzoek naar jongeren en hun spiritualiteit
Advies bij spirituele begeleiding van jongeren
» Beleidsonderzoek en
   beleidsadvies

» Lezingen en workshops
» Coaching van vakkrachten

Individuele spirituele begeleiding
Publicaties en lezingen
» Artikels

Boeken
» Tegenstrijdig Ongeloof
» Verleiden tot God
» Is er leven na de dood?
   + toelichtende artikels!

Advies bij spirituele begeleiding van jongeren
» Lezingen en workshops

Workshop mystagogisch tienerwerk

Inleiding workshop Deurne, 1 februari 2005
Marcel Mollink, zr. Miriam Robertz en Wiel Smeets


Inleiding (door Wiel)

Vooraf
De titel van deze workshop suggereert misschien dat er zoiets bestaat als 'mystagogisch tienerwerk' en dat u hier kunt horen wat dat is en hoe dat moet. Om geen verkeerde verwachtingen te wekken, zeg ik maar meteen dat dit maar gedeeltelijk zo is. Wat u vandaag kunt verwachten is een visie op mystagogie met tieners en ook een praktijkvoorbeeld van een aanzet voor mystagogisch tienerwerk.
Ik zal zo dadelijk eerst iets zeggen over mijn visie op mystagogie met tieners. Daarna zullen mijn compagnons zr. Miriam Robertz en Marcel Mollink iets vertellen over het geslaagde praktijkvoorbeeld. Marcel is jongerenwerker in de parochie van Kunrade in Zuid Limburg. Zr. Miriam is van de Karmel Titus Brandsma in Heerlen. Daarna is er in een groepsgesprek volop gelegenheid voor (kritische) vragen en reacties.

Wat moet ik me voorstellen bij 'mystagogisch tienerwerk'
Vanochtend heeft u mijn verhaal kunnen horen over wat ik onder mystagogisch jongerenwerk versta en welke rol ik weggelegd zie voor religieuzen. Deze visie wil ik nu wat verder uitwerken en toespitsen op tieners. Hou me ten goede dat ik hier en nu niet meer kan doen dan u deelgenoot maken van het denkproces, van mijn bondgenoten en mij, tot nu toe. Mijn doel is om een bijdrage te leveren aan mystagogisch tienerwerk, niet om een dichtgetimmerde theorie te presenteren die niet voor verbetering vatbaar zou zijn. In tegendeel, ik hoop juist op kritische vragen en reacties om het denken over mystagogisch jongeren- en tienerwerk verder te brengen ! Ik vraag u wel, voor de goede orde, om in het eerste deel van deze workshop alleen informatieve vragen te stellen, dus om kritische vragen nog even uit te stellen tot het groepsgesprek.
Vanochtend had ik het over de tweevoudige mystagogische taak van de jongerenwerker met een zending van religieuzen:
1) Het arrangeren van een activiteit waarin mogelijkheidsvoorwaarden worden geschapen voor spirituele ervaringen ('laag 3');
2) Het dienstbaar aanwezig zijn bij het verhelderen van dergelijke ervaringen (vgl. Rahner: geloofsverheldering achteraf).
Om heel helder te maken wat ik bedoel, geef ik eerst een voorbeeld van mystagogie bij tieners. Ik zeg er meteen bij dat het hier gaat om mystagogie in het kader van een kloostermeerdaagse, en wel bij de minderbroeders in Megen. Ik begrijp heel goed dat deze voorbeelden meteen de vraag oproepen van: 'en hoe moet dat dan als je géén klooster ter beschikking hebt?'. Ik beloof u dat er een antwoord komt op deze vraag. Eerst wil ik graag laten zien dat mystagogie bij tieners mogelijk is. Ik geef u een citaat waarin we de twee elementen zien: (1) een activiteit gearrangeerd door de school die mogelijkheden schept voor spirituele ervaringen - namelijk een kloostermeerdaagse als onderdeel van het vak godsdienst/levensbeschouwing - en (2) er vindt geloofsverheldering achteraf plaats omdat de leerlingen de opdracht krijgen een reflectieverslag te schrijven:

'Ik tekende mijzelf in een lichtbundel, die symbool stond voor een 'verlichte' Ka-Bo, een heel nieuw iemand. Daarna was het afgelopen, weg met de rust en terug naar de stressende school. De drie dagen in het klooster hebben zeer zeker een bepaalde werking op me gehad. Ik heb een hele maand nadat ik in het klooster was geweest niet één keer gevloekt. Ik voel me een stuk rustiger en slapen gaat ook ineens een stuk beter' (Ka-Bo, 5 VWO).

We zien dat Ka-Bo is ingewijd in de existentiële houding van ontvankelijkheid die, in mijn optiek, de spirituele laag aanboort. Je kunt er van mening over verschillen of hier wel sprake is van een spirituele ervaring. Dat ligt er maar aan hoe je 'spiritualiteit' definieert. We hebben het hier inderdaad niet over een 'godservaring'. Toch denk ik dat het zeer legitiem is om hier over mystagogie te spreken. In de vakliteratuur vind ik daar ook wel aanwijzingen voor:

'In een tijd waarin veel mensen geen persoonlijke ervaring meer hebben van God, wordt door Rahner - en ook door zijn opvolgers - nadruk gelegd op de mystagogie als inwijding in het bestaan. De godservaring reikt volgens Rahner echter verder en de mystagogie daarmee ook. Hij ziet mystagogie derhalve als een proces waarin meerdere fasen zijn te onderscheiden. Wollbold heeft deze als volgt getypeerd: mystagogie van het bestaan, mystagogie van de genade en mystagogie van de kerk' (Annemiek van Campen).

'De bewustwording van het eigen 'Dasein' … De mystagogie van het bestaan wekt de altijd al aanwezige voeling met het Geheim … het Geheim dat zijn zwijgen doorbreekt, zichzelf meedeelt in de zelftranscendentie die de mens in zichzelf ontdekt heeft (Kees Waaijman).

En als je geen klooster ter beschikking hebt?
Goed, we hebben het dus over de eerste fase van mystagogie, een eerste inwijding in het Geheim van het bestaan. We hebben ook gezien hoe dat met tieners kan naar aanleiding van een kloostermeerdaagse. Vanochtend zei ik al dat religieuzen-jongerenwerk lastiger is als je géén beschikking hebt over een klooster (dat al meteen allerlei 'spirituele spiegelingen' teweeg brengt). Wat als je geen klooster ter beschikking hebt? Ik geef de fakkel door aan zr. Miriam. Zij zal iets vertellen over wat we - samen met medezuster Mariet, Marcel en nog twee pastoraal werkers - hebben opgezet in Zuid Limburg.

De Karmel Titus Brandsma, de Andreas en de tieners (zr. Miriam)
Wat is het verband tussen deze drie? Kunnen ze iets met elkaar hebben?
- De Karmel 'Titus Brandsma' is een leefgroep van de tweede orde van de Karmel. De Karmel is een contemplatieve orde en heeft, ten alle tijden, oog en oor gehad voor mensen in haar omgeving. De vormen van betrokkenheid zijn veranderd, maar de eigenheid van de Karmel is gebleven: het gaan van een geestelijke weg vanuit spirituele reflectie. Dit is ook de aard van onze betrokkenheid bij de Andreasparochie.
- De Andreasparochie is een jonge parochie in Heerlen-Zuid (1975). Er werkt een pastoraal team met vele vrijwilligers. De kerk is een modern gebouw met veel symboliek.
- De tieners: ze zijn er wel, maar je ziet ze weinig in de kerk. De kindernevendiensten lopen goed, maar voor 12-17-jarigen staan we met lege handen.
Vanuit onze zorg om tieners hebben we Wiel gevraagd om met ons mee te denken over een model voor tienerwerk, met name voor vormelingen en gevormden. Er werd een werkgroep 'mystagogisch tienerwerk' gevormd met een aantal pastorale werkers erbij, onder wie Marcel.

Werken met tieners (Marcel Mollink)
Als tienerwerker in Kunrade heb ik de nodige ervaringen opgedaan en worstelingen meegemaakt. Inzetten op levensbeschouwelijke reflectie (bijvoorbeeld naar aanleiding van een film als Schindlers List) bleek niet de aangewezen weg. Ik ben toen eerst maar eens gaan kijken waar de tieners zelf staan en ben met hen meegelopen (lasergamen, zwemmen, schaatsen, verstoppertje spelen bijvoorbeeld!). Het verlangen om bezig te zijn met spirituele vorming bleef. Op een gegeven moment ben ik tieners individueel gaan interviewen over allerlei levensthema's (idealen, lievelingsboek of - film, voorbeelden, je lichaam, je geslacht, het heelal, toeval?, God, hiernamaals etc.). Er leefde meer dan ik dacht. Daarna heb ik allerlei activiteiten opgezet waarin voor de tieners iets van dergelijke levensthema's te beleven viel (bezoeken bij een schaapsherder, een boeddhist, een yogalerares.
Het was interessant om met Wiel hierover verder te filosoferen. Hij vertelde over de kerkvaders: hoe zij begonnen bij religieuze ervaringen van mensen en pas dan geloofsonderricht gaven. Zou zoiets ook kunnen met tieners? Ik vond het dan ook een uitdaging toen ik door Wiel bij de 'werkgroep mystagogisch tienerwerk' werd gevraagd. Op dit moment zitten we nog midden in de zoektocht.

Het denkproces in de 'werkgroep mystagogie' (Wiel Smeets)
Wat ik van Marcel heb geleerd, is dat er aan de 'mystagogie van het bestaan' nog fasen vooraf gaan, die je, in termen van mijn hermeneutisch kader, laag 1 en 2 zou kunnen noemen. Don Bosco wist dat ook al heel goed: hij gaf de jongens het gevoel dat ze er mochten zijn (laag 1) en bracht ze in contact met elkaar (laag 2). In Don Bosco's tijd was het nog normaal dat de jongens ook aan de sacramenten deelnamen. Dat is heden ten dage écht anders geworden. De weg naar 'mystagogie in de kerk' is heel lang.
In een aantal gesprekken werd door de werkgroep geconstateerd dat bestaande vormselprojecten te snel inzetten op inwijding in de geloofsgemeenschap en dus niet aansluiten bij wat Vygotzky de 'zone van naaste ontwikkeling' noemt. Ze leiden om die reden ook niet of nauwelijks tot 'mystagogie in de genade'. Sterker nog, vaak komt de 'mystagogie van het bestaan' niet eens aan bod. Er worden vooral algemene levensbeschouwelijke of sociaal-emotionele thema's en gezellige doe-activiteiten aangeboden. De overgang naar expliciete voorbereiding op het Vormsel is dan heel groot omdat de tieners ineens worden geconfronteerd met hoogkerkelijke taal die weinig bij hen oproept. Conclusie: er zou een aanbod moeten komen met als doel om tieners in te wijden in de sfeer van het religieuze, het numineuze ('mystagogie van het bestaan').
De voorbereidingsgroep heeft bedacht dat het goed zou zijn om een uitnodiging te doen aan tieners die de voorbereiding op het vormsel gedaan hebben en het leuk vonden om in een groep te werken. Er is besloten om te beginnen met een 'pilot': vier bijeenkomsten rond de vier elementen: 'vuur'. 'water', 'lucht' en 'aarde'. De doelstelling is in tweevoudige zin mystagogisch: 1) Bij de activiteiten worden mogelijkheidsvoorwaarden geschapen zodat de tieners stil kunnen worden, tot rust kunnen komen, innerlijk geraakt kunnen worden en iets kunnen ervaren van het Numineuze.
2) De tieners houden een schrift bij waarin ze steeds iets opschrijven over hun ervaringen. De begeleiders nemen de schriften steeds in om te lezen wat de activiteit heeft bewerkt en te zien waar mogelijkheden liggen voor (verdere) geloofsverheldering. U wordt nu natuurlijk zeer nieuwsgierig naar wat we concreet gedaan hebben en wat reacties van de tieners waren! Ik geef de fakkel weer door aan Marcel.

Het verloop zoals verteld door twee tieners (Marcel)
Een jongere schreef het volgende in het parochieblad over de eerste bijeenkomst rond het thema 'vuur':

'We verzamelden bij de Andreaskerk. We moesten stevige schoenen en oude kleren aan doen. We reden door naar Valkenburg. Daarna liepen we een heel stuk door het bos langs de Geul en nog een stukje langs de weg, tot bij de grot. De begeleider bracht ons naar een plek waar je geen hand voor ogen zag; toen moesten we in een kring gaan staan en elkaar vertrouwen. Daarna vertelde Marcel een verhaal'.

Het verhaal (Marcel)
(Als de zaal donker is, houden we het even stil, dan vertelt Marcel het verhaal:)

Een koning had twee zonen: de jongste en de oudste. De koning had een probleem: wie moest hij tot zijn opvolger benoemen? Hij gaf beide zonen vijf zilverstukken en sprak: 'Vul met dit geld de grote hal van ons kasteel! Waarmee? Dat is jullie zaak!'.
Vijf zilverstukken om die hele hal te vullen. De oudste zoon wist niet wat hij ermee aanmoest. Uiteindelijk liet hij de hal tot de nok toe vullen met een grote lading stro. De jongste zoon liet het stro verwijderen, zette midden in de hal een kaars en stak die aan. Toen sprak de koning tot zijn jongste zoon: 'Je oudste broer heeft al het geld uitgegeven aan waardeloos materiaal. Jij hebt niets uitgegeven en de hal gevuld met wat mensen nodig hebben: licht !'.


Reacties van de tieners
Marcel leest voor wat enkele tieners in hun schrift schreven:

'Op dat moment ging er bij ons ook een kaarsje aan, dat de hele grot verlichtte. En bij dat kaarsje moesten we opschrijven wat het licht met je deed. Daarna moesten we met dat kaarsje de uitgang vinden. Eenmaal buiten kreeg ieder een fakkel en met dat fakkellicht liepen we terug door het bos langs de Geul. En iedereen heeft ervan genoten'.

'Als het heel donker is, ben je meestal bang. Als er dan een lichtje is, voel je je meestal veilig. Ik vond het met die fakkels heel leuk. Ik zou de volgende keer weer meewillen'.

'Donker maakt me bang. Licht maakt me blij dat ik me niet meer bang voel'.

'De grot was best eng zonder licht, maar het was superleuk. Het licht laat de duisternis verdwijnen en geeft gezelligheid. De fakkels waren een leuk idee. Maar goed dat we oude kleren aanhadden, dan kun je je lekker vies maken' !


Reacties van de deelnemers aan de workshop
Bij een aantal vakkrachten die zelf met tieners werken, is er veel herkenning van de geschetste problematiek. Er gaapt een kloof tussen de belevingswereld van de tieners en kerkelijke geloofstaal. Deze benadering biedt een interessant perspectief om deze kloof te overbruggen.
Mgr. De Jong wijst op vormelingengroepen in het bisdom Roermond. Er zijn elk jaar 30 of 40 deelnemers en bij hen is er meteen sprake van inwijding in de kerk. Waarom zou je het niet gewoon meteen over Jezus kunnen hebben? Een vader van een tiener vertelt hoe hij zelf thuis de spirituele voedingsbodem heeft gelegd voor het Vormsel.
Wiel: uiteraard is het geweldig als tieners, vanuit een voedingsbodem van kerkelijke socialisatie, kunnen worden ingewijd in de sacramenten van de kerk. Het maatschappelijk probleem is dat deze voedingsbodem bij de meeste tieners ontbreekt. Met deze benadering willen we een aanzet geven voor hoe je met dergelijke tieners zou kunnen werken met kerkelijke inwijding als doeloriëntatie. Feitelijk betekent dit waarschijnlijk dat je met de meeste deelnemers niet verder komt dan 'mystagogie van het bestaan' en slechts bij enkelen aan kerkelijke inwijding toekomt. Bij de volgende bijeenkomsten (over 'aarde', 'water' en 'lucht') willen we zeker één keer een bijbelverhaal centraal stellen om te zien hoe de tieners daarop reageren. Het is de bedoeling dat de resultaten van deze 'pilot' op de één of andere wijze gepubliceerd worden. In elk geval vindt u het verslag van deze workshop t.z.t. op de website van de KNR.
© 2005-2015 Wiel Smeets / Feel The Fire Pages - logo-illustratie Venne Huisman - muziek ©Jos Smeets